Bestaat Eetverslaving? En Hoe Werkt Dat Dan?

Stel, je kunt een eetverslaving hebben, wat betekent dat dan voor de huidige “obesitas-pandemie”? Heeft het dan wel zin om af te vallen en is het wel haalbaar om sommige producten te laten staan?

In dit artikel krijg je stap voor stap meer duidelijkheid over het bestaan van eetverslaving.

Eerst lees je wat er gebeurt nadat je gegeten hebt, of er sprake kan zijn van een eetverslaving en wat je nog meer kunt doen om eenzelfde gevoel te ervaren. Tot slot kijken we naar het effect van suiker op je lichaam en wat er gebeurt bij overgewicht en afvallen.

Wat gebeurt er normaal in je lichaam nadat je gegeten hebt?

Na het eten worden verschillende hormonen en eiwitten vrijgegeven vanuit je spijsverteringskanaal. Hieronder lees je wat de functie van deze stoffen is. In de onderstaande afbeelding zie je het schematisch weergegeven.

Let op: dit is een vereenvoudigde weergave van een aantal hormonen in het lichaam. Er zijn veel meer onderlinge interacties tussen deze stoffen, maar ook met andere stoffen in het lichaam.

Ghreline

In je lichaam bestaat het eiwit ghreline. Ghreline wordt door de maag afgegeven aan het bloed als je een tijdje niets meer gegeten hebt en het neemt af na de maaltijd. Het is de enige bekende stof die de eetlust opwekt.

Uit onderzoek blijkt nu dat ghreline waarschijnlijk een rol speelt bij het beloningsgevoel dat men krijgt na het eten van zoet, vet eten, met name door in te spelen op de neurotransmitter dopamine (Murray et al 2014, Kenny et al 2011). Dopamine speelt een rol bij het ervaren van beloning en blijdschap.

Insuline en glucagon

In de alvleesklier worden insuline en glucagon gemaakt en afgegeven om je lichaam in balans te houden rondom de maaltijden.

Insuline wordt vrijgemaakt als er veel glucose in het bloed circuleert. Het zorgt ervoor dat er glucose wordt opgenomen in de cellen en je energie krijgt.

Glucagon verhoogt je bloedsuiker op momenten dat er te weinig suiker in het bloed is, bijvoorbeeld als je al een tijdje niets meer gegeten hebt. Glucagon en insuline zorgen samen voor de suikerbalans in je bloed.

Leptine

Ook uit vetweefsel worden signalen afgegeven aan de hersenen. Leptine, een hormoon, is daar een van. Als er genoeg vetreserve is wordt leptine aan het bloed afgegeven. In de hersenen geeft dit het signaal dat er genoeg energie is zodat de energie inname moet afnemen en dat het energieverbruik omhoog moet gaan.

In tegenstelling tot ghreline zorgen leptine en insuline juist niet voor een beloningsgevoel, zij remmen dat door het dopaminesysteem te remmen. (Blumenthal et al 2010, Kenny et al 2011)

GLP-1

Aan het einde van de darm wordt GLP-1 geproduceerd als er voldoende voedingsstoffen aanwezig zijn, zoals eiwitten, koolhydraten en vetten. Het geeft aan je hersenen het signaal dat je verzadigd bent. Daarnaast stimuleert het de afgifte van insuline en remt het glucagon. Zo draagt ook GLP-1 bij aan het op peil houden van je bloedsuiker.

Omdat dit hormoon pas aan het einde van je darmen geproduceerd wordt is het belangrijk dat niet alle voedingsstoffen al opgenomen zijn tegen de tijd dat het bij de darm aankomt. Dit betekent dat je geen snel verteerbare producten moet eten zoals snelle suikers. Bij voorkeur eet je eiwitten en producten met weinig suikers.

De hoeveelheid GLP-1 in het bloed kan tot wel 3 uur na een maaltijd stijgen, dus dat helpt om lang een verzadigd gevoel te houden. Eet je toch suikerrijk dan is dit effect minimaal.

Beloning in je hersenen

Het lichaam heeft een eigen beloningssysteem. In je hersenen bestaan stoffen, endocannabinoiden genaamd, die zijn opgebouwd uit o.a. dopamine of serotonine en een vetachtige component. Dit vet komt uit ons eetpatroon.

Als de endocannabinoiden in je hersenen worden vrijgemaakt voelt dat als een beloning. Het zorgt ervoor dat o.a. de smaak intenser wordt. Dat maakt dus ook dat je door wil eten, want het voelt zo goed. In vetweefsel stimuleren de endocannabinoïden de opname van vet en ze remmen de verzadiging in je darmen. Het stimuleert je om te gaan eten en te blijven eten.

Als je vaak dit positieve beloningseffect wil ervaren heb je grotere kans dat je te zwaar wordt, maar ook dat je een lichte eetverslaving ontwikkelt om telkens hetzelfde effect te kunnen ervaren. (Li et al, 2011)

De beloning die voedingsmiddelen geven kan doorslaggevend zijn in het eten van aangename lekkere producten, ook al geven je hormonen aan dat er geen energietekort is (Kenny et al, 2011).

Wat gebeurt er als je overgewicht hebt?

Bij mensen met overgewicht wordt meer leptine afgegeven dan bij mensen met gezond gewicht, maar de gevoeligheid van je lichaam voor leptine neemt af. Daarnaast verstoort leptine het beloningssysteem van dopamine, wat ervoor zorgt dat je meer van hetzelfde lekkere eten moet eten om een goed gevoel te krijgen. (Yildiz et al 2004, Rosenbaum et al 2008, Blumenthal et al 2010, Kenny et al, 2011).

Als je vaker lekker eten eet dat het beloningssysteem activeert, wordt ook het effect van dopamine minder sterk. Beide processen stimuleren dus dat je meer gaat eten.

Wat gebeurt er als je afvalt?

Na fors gewichtsverlies wordt er minder leptine afgegeven omdat er minder vetmassa in het lichaam aanwezig is. Dat kan zorgen dat men een groter hongergevoel ervaart en dat er meer gegeten moet worden om hetzelfde beloningsgevoel te krijgen (Yildiz et al 2004, Rosenbaum et al 2008, Blumenthal et al, 2010).

Toch hoeft dit je er niet van te weerhouden om af te vallen. Er is onderzoek dat erop duidt dat de processen in de hersenen zich normaliseren na gewichtsverlies. Dit betekent dat de reactie op eten minder sterk is en dat de beloning normaler wordt. Hier wordt nog meer onderzoek naar gedaan. Hopelijk geeft dit in de toekomst nog meer inzicht in de mogelijkheden om blijvend af te vallen. (Szabo-Reed et al 2015, Rosenbaum et al, 2008).

Bestaat eetverslaving?

Nu we meer zicht hebben op de hormonen en de processen in de hersenen kunnen we ook iets meer zeggen over de mogelijkheid van eetverslaving.

Je zou onderscheid kunnen maken tussen een (fysieke) verslaving en (geestelijke) gewenning. Bij een verslaving is sprake van ontwenningsverschijnselen als je met het verslavende gedrag stopt, bij gewenning is dat niet het geval. Daarom is bij voeding en eetgedrag vooral sprake van gewenning.

Zoals hierboven beschreven zijn er een aantal spijsverteringshormonen in je lichaam die ook in verband staan met het beloningssysteem in je hersenen. Als je aankomt of overgewicht hebt is de kans aanwezig dat je meer gaat eten om dezelfde beloning te ervaren. Dit zou je kunnen beschouwen als een eetverslaving.

Als je bent afgevallen is er een kans dat je daarna meer hongergevoelens ervaart. Dit kan dus voelen als een eetverslaving, want je ervaart meer honger en als het niet lukt om daar weerstand tegen te bieden eet je ook meer.

Als je eetverslaving iets ruimer neemt dan alleen de beloning in je hersenen, zou je kunnen zeggen dat je ook fysiek verslaafd kunt raken aan suiker. In het artikel suikerdip kun je lezen dat je na het eten van een suikerrijk product een suikerpiek kan ervaren. Na deze suikerpiek volgt vaak een suikerdip waarbij je je trillerig voelt en je lichaam vraagt om nieuwe energie (=suiker).

Ondanks dat dit geen letterlijke verslaving is kan het wel zijn dat het eten van suiker ervoor zorgt dat je nog meer suiker gaat eten als gevolg van de suikerdip. Dus ondanks dat er geen sprake is van een beloning in je hersenen, ontstaat er wel een zekere afhankelijkheid van suiker.

Gelukkig ontstaan er geen afkickverschijnselen als je ermee stopt. Dus probeer deze suikerschommelingen te voorkomen door vooral onbewerkte (koolhydraat)producten te eten in plaats van suikers.

Al met al zou je kunnen zeggen dat er uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat er indicaties zijn dat eten verslavend kan werken. Als we naar de praktijk kijken, onder andere bij onze Bootcamps, zijn wij er van overtuigd dat bij sommige deelnemers verslavingsaspecten een rol spelen in hun gedrag.

Echter, het maken van gezonde keuzes en een beperkte energie-inname kan waarschijnlijk zorgen dat de verslaving minder sterk wordt of over gaat.

Referenties

Blumenthal, D. M., & Gold, M. S. (2010). Neurobiology of food addiction.Current Opinion in Clinical Nutrition & Metabolic Care, 13(4), 359-365.

Kenny, P. J. (2011). Reward mechanisms in obesity: new insights and future directions. Neuron, 69(4), 664-679.

Li, C., Jones, P. M., & Persaud, S. J. (2011). Role of the endocannabinoid system in food intake, energy homeostasis and regulation of the endocrine pancreas. Pharmacology & therapeutics, 129(3), 307-320.

Murray, S., Tulloch, A., Gold, M. S., & Avena, N. M. (2014). Hormonal and neural mechanisms of food reward, eating behaviour and obesity. Nature Reviews Endocrinology, 10(9), 540-552.

Rosenbaum, M., Sy, M., Pavlovich, K., Leibel, R. L., & Hirsch, J. (2008). Leptin reverses weight loss–induced changes in regional neural activity responses to visual food stimuli. The Journal of clinical investigation, 118(7), 2583.

Szabo-Reed, A. N., Breslin, F. J., Lynch, A. M., Patrician, T. M., Martin, L. E., Lepping, R. J., … & Savage, C. R. (2015). Brain function predictors and outcome of weight loss and weight loss maintenance. Contemporary clinical trials, 40, 218-231.

Yildiz, B. O., Suchard, M. A., Wong, M. L., McCann, S. M., & Licinio, J. (2004). Alterations in the dynamics of circulating ghrelin, adiponectin, and leptin in human obesity. Proceedings of the National Academy of Sciences of the United States of America, 101(28), 10434-10439.